Het mechanisme dat het patroon onzichtbaar maakt is attentional bias — de neiging van het hypergeactiveerde systeem om selectief aandacht te richten op signalen die consistent zijn met de verwachting van dreiging.
Dit is geen bewuste keuze en geen overdrijving. Het is een neurologisch proces: het brein van iemand met een hypergeactiveerd hechtingssysteem verwerkt ambigue sociale signalen sneller en als bedreigender dan het brein van iemand met een veilig hechtingspatroon. Een neutrale gezichtsuitdrukking wordt eerder gelezen als afwijzing. Een korte reactie wordt eerder gelezen als desinteresse.
Dat betekent dat de aanleidingen reëel zijn — maar door een filter worden waargenomen dat ze groter en dreigender maakt dan ze voor de ander zijn. De reactie is dan proportioneel aan wat het systeem waarnam, maar disproportioneel aan wat er feitelijk was.
Precies daarom is de reactie zo moeilijk als patroon te herkennen. Wie reageert op wat hij waarneemt, heeft altijd een aanleiding. De vraag is niet of de aanleiding er was — de vraag is of het systeem dat de aanleiding waarnam, betrouwbaar is gecalibreerd.
Het systeem vindt altijd een aanleiding — niet omdat het zoekt naar problemen, maar omdat het is ingesteld op gevaar dat niet meer aanwezig is.