Je kiest een partner niet alleen met je hoofd. Je kiest ook met wat je kent.
Het bekende voelt als herkenning — als iets wat klopt, wat past, wat aanvoelt als thuis. Dat gevoel is geen toeval. Het is je hechtingssysteem dat iets herkent in de ander: een manier van nabijkomen, van afstand houden, van reageren onder spanning.
Dat systeem is niet gecalibreerd op wat goed is. Het is gecalibreerd op wat bekend is. En bekend zijn betekent: overeenkomst met het emotionele klimaat waarin jij bent opgegroeid.
Dat betekent niet dat je bewust kiest voor pijn. Het betekent dat het vertrouwde — ook als het ongemakkelijk is — veiliger voelt dan het onbekende.
Het systeem zoekt niet wat goed is — het zoekt wat bekend is.